Met Jean-Pierre Gibrat hebben de Fransen een man ontdekt die hun dagelijkse leven beschrijft. In navolging van de grote cineasten, René Clair, Julien Duvivier en daarbij nog Frank Capra en, dichter bij huis, Jean-Pierre Bacri en Agnès Jaoui. Te bescheiden om tot hiertoe scenario’s aan anderen toe te vertrouwen? Je moet het wel gaan denken... Want als hij aan het tekenen ging, had Gibrat wat te vertellen. Een heleboel zelfs. Over menselijke zwakheden, goeie kerels, op weg om smeerlappen te worden, smeerlappen die niet meer begrijpen waarom of hoe ze smeerlappen zijn geworden. Kortom, de mens in al zijn doen en laten. Al zijn plaatjes zijn verzadigd met het werk van een groot kunstenaar, compleet meester van een kunst die hij mee vervolmaakt. Door haar vanuit het hart zijn adelbrieven aan te bieden.